vvnp
HOME
VVNP
LIDMAATSCHAP
AGENDA
LINKS
DOCUMENTEN
VACATURES
CONTACT

Programma

Thematisch overzicht


Opleidingsonderdelen Studiepunten
Historische context en methodologische aspecten 4
Fundamentele neurowetenschappen 4
Functionele neuroanatomie 5
Neuropsychologische stoornissen 10
Neuropsychologische aspecten van neurologische stoornissen 7
Neuropsychologische aspecten van psychiatrische stoornissen 2
Neuropsychologische aspecten van stoornissen bij kind en adolescent 7
Neuropsychologische aspecten van de veroudering 3
Deontologische, medico-legale en forensische aspecten 2
Klinische context en hulpbronnen 4
Eindwerk 12
TOTAAL 60



Historische context en methodologische aspecten

1. Neuropsychologie in historisch perspectief: Verleden, heden en toekomst. Overzicht van de geschiedenis van de neuropsychologie, met inbegrip van haar epistemologie en een kritische analyse van de verschillende neurofilosofische standpunten.

2. Basis concepten en principes van het diagnostisch neuropsychogisch onderzoek. Soorten doelstellingen, randvoorwaarden, contra-indicaties, fasen van het onderzoeksproces, overzicht van de diagnostische middelen (pen-en-papier tests, computer geassisteerd testen, dichotische luistertests, functionele beeldvorming), plaats van de neuropsycholoog in het multidisciplinair team. (Opgelet! Specifieke diagnostische tests worden besproken in de thema’s 14 tot 23, het gaat hier enkel over een algemeen overzicht).

3.  Methodologische en statistische fundamenten van het neuropsychologisch onderzoek. Overzicht van de voornaamste psychometrische concepten waaronder betrouwbaarheid, validiteit, meetfouten, normaalverdeling, criterium-gebaseerd meten, waarschijnlijkheidstheorie, single-case analyse.

4.  Principes van cognitieve revalidatie en mechanismen van hersenplasticiteit, WHO definities van handicap, beïnvloedende factoren en randvoorwaarden, overzicht van de verschillende benaderingen en technieken bij cognitieve revalidatie, het begrip cognitieve reserve, de mechanismen van hersenplasticiteit en het concept functionele reorganisatie.

Fundamentele neurowetenschappen

5. Basisbegrippen neuroanatomie en structurele beeldvorming van de hersenen. Algemene structuur van het menselijk zenuwstelsel, macro-anatomie van de hersenen, ontwikkeling en structuur van de neocortex, limbisch systeem, basale ganglia, cerebellum. Structurele beeldvormingstechnieken en hun relevantie voor diagnose en behandeling.

6.  Basisbegrippen neurofysiologie en neurobiochemie. Mechanismen van intra- en interneuronale communicatie, neurotransmitters, het begrip neurovasculaire eenheid en koppeling, bloed-hersen barrière.

7. Basisbegrippen neurogenetica. Inleiding in de principes van moleculaire genetica (met voorbeelden uit de klinische praktijk, bv. Ziekte van Alzheimer, dyslexie), kritische analyse van gen-omgeving (nature-nurture) discussie, overzicht van de in de gedragsgenetica gebruikte methoden zoals tweeling- en adoptiestudies en hun toepassingen (bv. IQ). (34)

8.  Basisbegrippen functionele beeldvorming van de hersenen. Doelstellingen en algemene principes van functionele beeldvorming, overzicht van de verschillende technieken met hun mogelijkheden en beperkingen (PET, SPECT, fMRI, fTCD, NIS, TMS), paradigma-ontwikkeling, analyse technieken (5).

Functionele neuroanatomie

9. Neurobiologie van de slaap en waaktoestand. Overzicht van de hersenstructuren en neurotransmittersystemen betrokken bij de slaap-waak regulatie. Het reticulair activerend systeem, de hypothalamus en het 'flip-flop' systeem. Beknopt overzicht van de slaap-waakstoornissen bij neurodegeneratieve aandoeningen. REM-sleep behavior stoornis bij hersenstam aandoeningen. (15, 23)

10.  Functionele neuroanatomie van geheugen en leren. Een cognitief-psychologisch model van leren en geheugen, de anatomische basis en hersencircuits van verschillende soorten leren en geheugen. (16, 40, 41)

11. Functionele neuroanatomie van taal en spraak. Een cognitief-psychologisch model van taalproductie en –verwerking, de anatomische basis van taal en spraak, functionele neuroanatomie van normaal taalfunctioneren. (18, 19, 37, 38).

12.  Functionele neuroanatomie van emotie. Een cognitief-psychologisch model van emotie (i.h.b. angst), hersenstructuren geassocieerd met emotioneel gedrag, een neuro-anatomisch circuit van emotie. (6, 22, 31, 42)

13.  Functionele neuroanatomie van gedragscontrole en executieve processen. Wat zijn executieve functies, anatomie, connectiviteit en neuropsychologie van de prefrontale cortex, integratie met andere hersenstructuren, een neurofunctioneel model van executie en gedragscontrole. (20)

Neuropsychologische stoornissen

14. Stoornissen in de waarneming en het voorstellingsvermogen. Inleiding in de zintuiglijke waarneming en het mentale voorstellingsvermogen, overzicht van de auditieve, tactiele en visuele herkenningsstoornissen, overzicht van de diagnostische middelen, de impact van deze stoornissen op andere cognitieve functies, spontaan herstel en behandelingsmogelijkheden.

15.  Stoornissen van de aandacht. Overzicht van de verschillende aandachtsstoornissen. Overzicht van de verschillende manieren om aandachtstekorten te bevragen en te objectiveren m.i.v. psychometrische tests, het komen tot een juiste beschrijving en diagnose van de aandachtsstoornissen, het effect van aandachtstekorten op de overige cognitieve functies en de klinische relevantie ervan voor het dagelijks leven, het natuurlijk herstel en de mogelijkheden tot revalidatie van aandachtsstoornissen. (9, 25, 36)

16.  Stoornissen van geheugen en leren. Overzicht van het geheugenonderzoek m.i.v. de klinische bevraging het gebruik van vragenlijsten en de cognitieve geheugentests, aandacht voor maligneren, het komen tot een juiste beschrijving en diagnose van de geheugenstoornis, het effect van geheugentekorten op de overige cognitieve functies en de klinische relevantie ervan voor het dagelijks leven, het natuurlijk herstel en de mogelijkheden tot revalidatie van geheugenstoornissen. (10, 40, 41)

17.  Stoornissen van visuospatiële en visuoconstructieve functies. Overzicht van de stoornissen m.b.t. de hogere visuospatiële verwerking en visuoconstructieve vaardigheden, overzicht van de diagnostische hulpmiddelen, spontaan herstel en aangrijpingspunten voor revalidatie. (14, 23)

18.  Verworven taalstoornissen. Overzicht van de symptomen en syndromen van verworven auditieve taalstoornissen, overzicht van de diagnostische instrumenten, het komen tot een juiste beschrijving en diagnose van de auditieve taalstoornis, het effect van auditieve taalstoornissen op de overige cognitieve functies en de klinische relevantie ervan voor het dagelijks leven, het natuurlijk herstel en de mogelijkheden tot revalidatie. (11, 19, 37, 38)

19.  Verworven lees-, schrijf-, en rekenstoornissen. Overzicht van de symptomen en syndromen van verworven visuele taalstoornissen inclusief acalculie, overzicht van de diagnostische instrumenten, het komen tot een juiste beschrijving en diagnose van de visuele taalstoornissen en acalculie en de klinische relevantie ervan voor het dagelijks leven, het natuurlijk herstel en de mogelijkheden tot revalidatie. (11, 18, 37, 38)

20.  Stoornissen van de gedragscontrole en executieve functies. Beschrijving van de symptomen van executieve stoornissen en verlies van gedragscontrole en hun impact op het dagelijks leven, overzicht van het diagnostisch instrumentarium, het natuurlijk herstel en de therapeutische mogelijkheden. (13, 32)

21.  Stoornissen van de willekeurige beweging. Overzicht van de verschillende stoornissen van de willekeurige beweging (m.i.v. de ataxieën, apraxieën) alsook van de gestoorde willekeurige controle over de motoriek (m.i.v. motor neglect, imitatie- en utilisatiegedrag), overzicht van de diagnostische mogelijkheden, aangrijpingspunten voor behandeling. (23).

22.  Emotionele stoornissen. Bijdrage van de neurologische, psychologische en psychosociale factoren in het ontstaan van emotionele stoornissen van de hersenbeschadigde patiënt, overzicht van de klassieke emotionele stoornissen na hersenbeschadiging, de evaluatie van emotionele stoornissen met een overzicht van de verschillende diagnostische hulpmiddelen, het spontaan verloop en de behandeling van emotionele stoornissen i.h.b. de anosognosie. (12, 31, 42).

23. Stoornissen van de sensomotorische integratie, lichaamsrepresentatie en neglect. In deze module gaat de aandacht naar de stoornissen die ontstaan wanneer zowel lager-orde als hoger-orde functies of niet-integratieve en integratieve functies tegelijkertijd getroffen worden. Hieruit lijkt dat het geheel meer is als de soms van de aparte functiestoornissen. Zo zien we hoe multimodale functiestoornissen de motoriek en houding van patiënten kan beïnvloeden. Bij het neglect ‘syndroom’ zien we bijvoorbeeld hoe de attentie en intentie van gedrag beïnvloed wordt. Ook de constructie van een posturaal lichaamsschema kan enkel door een adequate sensori-motorische integratie. Stoornissen hierin kunnen leiden tot beelden die vrij nieuw zijn in het domein van de neurowetenschappen, denk maar aan het Contraversief Pusher Syndroom. Ook in de behandeling zien we dat de invalshoeken kunnen komen van zowel de cognitieve als de bewegingsneurowetenschappen. Denk maar aan de effecten van transcutane elektrische zenuwstimulatie (TENS) op de expressie van hemispatiaal neglect. In de ontwikkelingsneurologie zien we dat de introductie van de term ‘psychomotoriek’ ook refereert naar de hoger-orde sensori-motorische integratie. (14, 17, 21)

Neuropsychologische aspecten van neurologische aandoeningen

24. Neuropsychologische aspecten van cerebrovasculaire aandoeningen. Overzicht van de voornaamste cerebrovasculaire stoornissen en hun neuropsychologische presentatie m.i.v. transient ischemische aanvallen (TIA), cerbrovasculair accident (CVA), vasculaire dementie. Overzicht van medische behandelingsmogelijkheden en cognitieve revalidatie. (4, 5, 25)

25.   Neuropsychologische aspecten van hoofdletsel en traumatische hersenschade, met inbegrip van coma. Overzicht van de traumatologische terminologie, neuropsychologische presentatie van de verschillende types traumatische hersenschade, overzicht van de neurologische, psychologische en psychosociale beïnvloedende factoren, natuurlijk verloop en revalidatiemogelijkheden. (4, 5, 9, 24)

26. Neuropsychologische aspecten van demyeliniserende aandoeningen. Overzicht van de epidemiologie, pathofysiologie en klinisch neurologische presentatie van multiple sclerose en verwante demyeliniserende aandoeningen, neuropsychologisch profiel van de aandoening en diagnostisch instrumentarium. Overzicht van de medische en neuropsychologische interventiemogelijkheden. (4, 5)

27.  Neuropsychologische aspecten van epilepsie. Overzicht van de epidemiologie, pathofysiologie, klinisch neurologische presentatie en behandeling van de verschillende epileptische aandoeningen bij kind en volwassene m.i.v. de diagnostische middelen, neuropsychologisch profiel van de aandoeningen, verloop van de aandoening i.h.b. met betrekking tot de cognitie en de effecten van medicatie. Overzicht van de verschillende behandelingsmogelijkheden en overzicht van het prechirurgisch protocol i.h.b. technieken voor taallateralisatie en geheugenintegriteit, postchirurgische opvang en verloop. (10, 16)

28.  Neuropsychologische aspecten van tumorale, infectieuze en inflammatoire hersenaandoeningen. Overzicht van de tumoren en hun neuropsychologische implicaties. Overzicht van de virale, bacteriële en parasitaire infecties bij kind en volwassene m.i.v. AIDS, virale vormen van encephalitis, syfilis, malaria, ziekte van Lyme en de ziekte van Creutzfeldt-Jakob, alsmede hun neuropsychologisch profiel en overzicht van de medische en neuropsychologische behandelingsmogelijkheden. (5, 6)

29. Neuropsychologische aspecten van toxische blootstelling. Overzicht van de verschillende neurotoxines en hun acute en chronische effecten op het gedrag en de cognitie m.i.v. blootstelling aan lood, organische solventen, pesticiden, alcohol en drugs. Kritische bespreking van de diagnose Organisch Psychosyndroom (OPS). Overzicht van de cognitieve tekorten ten gevolge van onvrijwillige of vrijwillige nutritionele tekorten (5, 6, 31)

30. Medische neuropsychologie: Neuropsychologische aspecten van somatische aandoeningen. Overzicht van de verschillende somatische aandoeningen en hun potentieel effect op de hersenen en de cognitie m.i.v. hart- en longziekten (m.i.v. slaapapneu), kanker, metabole aandoeningen, leverziekten, nierziekten en de behandeling ervan. (5)

Neuropsychologische aspecten van psychiatrische aandoeningen

31. Neuropsychologische aspecten van psychiatrische aandoeningen en hun behandeling, i.h.b. depressie. Overzicht van de verschillende psychiatrische stoornissen met erkende cognitieve effecten m.i.v. angststoornissen, anorexia nervosa, depressie, somatoforme stoornissen en de post traumatische stress stoornis, inzicht in de diagnostische hulpmiddelen en criteria, behandeling en verloop. (9, 12, 22, 32, 42)

32.  Neuropsychologische aspecten bij psychotische stoornissen, i.h.b. schizofrenie. Overzicht van de verschillende psychotische beelden (i.h.b. schizofrenie) en de mogelijke oorzaken, inzicht in de diagnostische hulpmiddelen en criteria, behandeling en verloop, overzicht van de geassocieerde cognitieve stoornissen en hun aanpak. (14, 23, 31)

Neuropsychologische aspecten van stoornissen bij kind en adolescent

33.  Neuropsychologische gevolgen van ante- en perinatale problematiek. Neuropsychologische gevolgen van ante- en perinatale problemen waaronder asfyxie, zeer laag geboortegewicht, het foetaal alcohol syndroom, toxoplasmose, geboortetraumata en 'battered child' syndroom. (5, 6)

34.  Neuropsychologische aspecten van genetische aandoeningen. Neurobiologische factoren van mentale retardatie met een overzicht van de belangrijkste syndromen m.i.v. cretinisme, syndroom van Down, Fragile X-syndroom, Prader-Willi syndroom, syndroom van Turner en syndroom van William, aspecten van behandeling en begeleiding bij kinderen met aangeboren beperkingen. (7)

35.  Neuropsychologische aspecten van pervasieve ontwikkelingsstoornissen. Classificatie van de pervasieve ontwikkelingsstoornissen, epidemiologie en klinische presentatie van autisme en gerelateerde stoornissen, neuropsychologisch profiel, diagnostische hulpmiddelen en behandeling. (7, 34)

36. Neuropsychologische aspecten van Attentional Deficit/Hyperactive Disorder. Definitie, epidemiologie en etiologie van AD/HD, ontwikkeling van AD/HD in kinderleeftijd, adolescentie en volwassenheid, het neuropsychologisch profiel en diagnostische aspecten, farmacologische en gedragstherapeutische behandeling van AD/HD, de cognitieve effecten van psychostimulantia bij het kind met en zonder AD/HD. (9, 15, 33)

37.  Neuropsychologische aspecten van taalstoornissen bij kinderen. Definitie, epidemiologie en etiologie van de verbale en nonverbale leerstoornissen m.i.v. dyslexie en dysgrafie, de impact van verworven taalstoornissen op de verbale leerfuncties, het neuropsychologisch profiel, diagnostische aspecten, en behandeling. (11, 18, 19)

38.  Neuropsychologische aspecten van leerstoornissen bij kinderen. Definitie, epidemiologie en etiologie van de ontwikkelingsleerstoornissen m.i.v. tekorten in de visuospatiële ontwikkeling en dyscalculie, het neuropsychologisch profiel, diagnostische aspecten, en behandeling. (10, 17, 37)

39.   Neuropsychologische aspecten van metabole en neurodegeratieve aandoeningen bij kinderen. Overzicht van de neurobiologische factoren van metabole en neurodegeneratieve aandoeningen waarbij de hersenfuncties door het verloop van de ziekte worden aangetast; m.a.w. een neurodegeneratief type dementie-patroon bij kinderen met chronische ziektebeelden zoals leukodystrofieën, mucopolysaccharidosis m.i.v. het neuropsychologisch profiel en aspecten van behandeling en begeleiding. (7, 34)

Neuropsychologische aspecten van de veroudering

40. Neuropsychologische aspecten van de ziekte van Alzheimer en aanverwante neurodegeneratieve aandoeningen. Overzicht van de epidemiologie, pathofysiologie en klinisch neurologische presentatie (subtypes) van de ziekte van Alzheimer, neuropsychologisch profiel van de aandoening en verschillen met andere corticale degeneratieve beelden zoals de fronto-temporale dementie. Overzicht van de medische en neuropsychologische interventiemogelijkheden. (10, 16, 42)

41.   Neuropsychologische aspecten van de ziekten van Parkinson en Huntington en aanverwante neurodegeneratieve aandoeningen. Overzicht van de epidemiologie, pathofysiologie en klinisch neurologische presentatie van de ziektes van Parkinson en Huntington, neuropsychologisch profiel van de aandoening en verschillen met andere subcorticale degeneratieve beelden. Overzicht van de medische, chirurgische en neuropsychologische interventiemogelijkheden. (7, 10, 40, 42)

42.   Neuropsychologie in het gerontopsychiatrisch werkveld. Specifieke vraagstukken aangaande de neuropsychologische aspecten van het gerontologisch handelen m.i.v. angst, apathie, eenzaamheid, polyfarmacologie en de differentiaal diagnose depressie/dementie. (31, 40, 41)

Deontologische, medico-legale en forensische aspecten

43.  Het statuut van de neuropsycholoog in België en de wereld, m.i.v. de deontologie. Korte geschiedenis van het statuut van de (neuro)psycholoog in Vlaanderen en België, vergelijking met de situatie in de ons omringende landen en de wereld, overzicht van de verschillende belangengroepen en organisaties, deontologische aspecten van de (neuro)psychologische professie. (1)

44.   Medico-legale en forensische aspecten van de neuropsychologie. Bespreking van het statuut van psycholoog in Vlaanderen en België in medico-legale context, de waarde en het belang van een neuropsychologisch oordeel in civiele en criminele rechtspraak, opbouw van een neuropsychologisch expert dossier, kennismaking met relevante concepten en standpunten aangaande betwistingen vanuit het verzekeringswezen en terzake relevante overheidsfondsen (OCMW, RIZIV, Fonds voor Beroepsziekten).

Klinische context en hulpbronnen

45.  Farmacologische impact op cognitieve functies. Overzicht van de belangrijkste farmacologische categorieën die een potentiële invloed op het cognitief presteren kunnen hebben. Met aandacht voor de aard en grootte van dit effect alsook de mogelijke farmacokinetische principes in de neurotransmissie en neuromodulatie die eraan ten grondslag liggen. (6)

46.  Klinisch neurologisch onderzoek en aanverwante paraklinische onderzoeken relevant voor de neuropsychologische praktijk. Grondige studie van het klinisch neurologisch onderzoek: verloop, technieken en interpretatie, kort overzicht van de beeldvormingstechnieken met nadruk op de klinische desiderata en relevantie, overzicht van overige paraklinische onderzoeken m.i.v. angiografie, electro-encephalografie, geëvokeerde potentialen, Doppler ultrasonografie en lumbale punctie. (5, 6, 7, 8)

47. Psycho-educatie en begeleiding van patiënt en familie met een neuropsychologische problematiek. Structuratie van feedback over de neuropsychologische bevindingen aan de patiënt en familie, aspecten van prognose en aanpak, gebruik van illustratief materiaal en klare taal, het overbrengen en verwerken van slecht nieuws, omgaan met emotionele reacties m.i.v. coping en rouw, organisatie van de mantelzorg in Vlaanderen met overzicht van de hulpbronnen en –organisaties voor patiënten en hun familie (4, 42)

48.   Neuropsychologie en het internet. Zoeken van tijdschriften en elektronische tijdschriften, het goed gebruik van algemene en specifieke zoekmachines: trucjes en booleaanse logica, de websites van belangrijke neuropsychologische verenigingen en wat er te vinden, hersenatlassen, medische beeldbanken, discussiegroepen.


Server-Colocate.com Webhosting - Easybytes.com
© Design by mdgpromotions.com